Waar overprikkeling toe kan leiden

Geschreven op 19 januari 2013

Leven met autisme kan heel vaak vermoeiend zijn. Stel je voor. Je loopt op een drukke kermis. Overal mensen om je heen, links van jou, rechts van jou, voor jou en achter jou. De meeste mensen lopen je tegemoet, zodat het lijkt of jij tegen de richting in loopt. Dan het geluid… Bij elke attractie draaien ze andere muziek. De één nog harder dan de ander. Al die geluiden denderen je gevoelige gehoorgang binnen. Geuren… verse popcorn vermeng met de geur van suikerspinnen en verschaald bier.  Deze situatie kan leiden tot overprikkeling van ieder mens.

Mensen met autisme kunnen zich zo al voelen in een normale situatie in het dagelijks leven. Lees mijn verhaal en zie welke verstrekkende gevolgen overprikkeling kan hebben.

Ik ben jong moeder geworden. Toen ik zwanger was van de jongste, heb ik de diagnose Asperger gekregen. Opgelucht, omdat er eindelijk zoveel puzzelstukjes op zijn plek vielen, dacht ik dat ik dat ik door zorgvuldig te plannen en te leven met veel structuur, mijn leven nu alleen nog maar de goede kant op zou kunnen gaan. Waar ik niet bij stil stond was dat jonge kinderen mijn zorgvuldig opgebouwde structuur en planning regelmatig in het water konden gooien. Dag planning, hallo overprikkeling!  Naarmate dit steeds vaker voor kwam, was ik eigenlijk voortdurend overprikkeld.

Toen de jongste een jaar was, begon het. Het begon met gefluister. Zachtjes fluisterde een stem in mijn oren. Een stem die alleen ik kon horen. Een negatieve stem , die ik zoveel mogelijk probeerde te negeren. Ik vertelde het tegen niemand, bang om voor gek verklaard te worden. Ik voedde de kinderen op, had een leuke baan voor één dag in de week bij een re-integratiebureau en ik probeerde een zo normaal mogelijk leven te leiden.  Steeds vaker werd die ene stem vergezeld door een ander. Inmiddels niet meer fluisterend, maar pratend op conversatietoon en hoe minder ik probeerde te luisteren, hoe harder de stemmen gingen praten.  Negeren hielp niet meer want dan begonnen ze te schreeuwen.

Op een dag kon ik er helemaal niet meer tegen en ben op mijn werk ingestort. Mijn baas en mijn jobcoach hebben mij toen via de huisarts naar de crisisdienst gebracht. Praten over de stemmen kon ik nog steeds niet, maar ik vertelde wel dat ik letterlijk doodmoe was. Ik werd opgenomen en heb vier weken op de PAAZ (Psychiatrische Afdeling Algemeen Ziekenhuis) doorgebracht. Toen er ambulante hulp voor thuis geregeld was, mocht ik weer naar huis.

De stemmen waren er nog steeds. Ik werd daardoor steeds achterdochtiger en vertrouwde niemand meer. Na een aantal maanden won mijn ambulant begeleidster mijn vertrouwen en tijdens een wandeling in het bos heb ik het er allemaal uitgegooid. De stemmen, de wanhoop en de angst dat ik de stemmen niet langer kon negeren. Dat resulteerde in weer een bezoekje van de crisisdienst. Ik kreeg medicatie om de stemmen tegen te gaan en moest, totdat er een juiste plek was voor behandeling door het GGZ, elke week bij de crisisdienst komen. Daar werd vastgesteld dat ik een psychose had, waarschijnlijk door overprikkeling. Uiteindelijk kwam ik bij het FACT team terecht. Een multidisciplinair behandelteam dat er op gericht is om de cliënt zo te behandelen dat een opname niet nodig is. Dit was ijdele hoop want een paar maanden later werd ik weer opgenomen.

In de daarop volgende jaren waren een aaneenrijging van opnames, wisseling van medicatie en nog steeds de stemmen die ik hoorde, en waar ik inmiddels ook naar luisterde. Als ik luisterde naar de stemmen en de opdrachten die zij mij gaven vervulde, waren ze tenminste weer even koest. Maar helaas nooit voor lang.

Op dit moment ben ik bijna een jaar vrij van opnames en is het redelijk rustig in mijn hoofd. Het lijkt erop dat de medicatie die ik nu krijg echt werkt. Ik hoop dat het zo blijft maar kan er nog niet echt op vertrouwen. Ik ben een diagnose rijker: psychotische stoornis n.a.o.  Ik heb mijn verhaal verteld om mensen bewust te maken waartoe overprikkeling allemaal toe kan leiden. Maar niet alleen mensen met autisme kan dit overkomen. Bevolkingsonderzoek laat zien dat tien procent van de bevolking wel eens een stem hoort. Drie tot vijf procent van de bevolking hoort ze regelmatig.  Ik hoop dat het stigma hierop ooit een keer verdwijnt. Ik ben niet gek, mijn zintuigen werken alleen anders.

Geef een antwoord